Mussenlust (2005)

Mussenlust – de huismus in 25 gedichten

Die mus dus. Dat beestje dat minder en minder werd gezien. Die mus, die moest terug. Dus heb ik in 2005 een tentoonstelling georganiseerd: Passé(r) domesticus? En bij een tentoonstelling hoort een boek. Wat zeg ik?!  Een dichtbundel! Als een ode aan de mus.

En het heeft gewerkt want onlangs (januari 2017) was tijdens het weekend van de jaarlijkse vogeltelling de mus het meest geteld. Op zaterdag dan. Zondag had het beestje blijkbaar andere verplichtingen.

Mussenlust bestaat uit 25 gedichten over de mus. Geschreven door dichters die lang lang geleden op deze planeet rondliepen – denk aan Guido Gezelle met zijn De musschen… Maar je leest ook gedichten van springlevende dichters. Bijvoorbeeld van Judith Herzberg, Anton Korteweg en Albertina Soepboer. Alsjeblieft.

We zullen J. Bernlef even citeren, die niet zo te spreken was over ons vogeltje:

Mus – onkruid onder de vogels
zo huishoudelijk
gewoon en kleurloos
de grond van ons bestaan
Uit: Het wapen van de mus

Mussenlust is voorzien van met illustraties o.a. van Peter Vos. Het voorwoord is van Anton Korteweg, die voor deze bundel twee verse gedichten schreef. Toevallig voor iemand die al een poos hier bij mij in huis woont. Dit is er een van:


Mus

Jeannette,

kom jij er op pleintjes, terrassen,
achtertuintjes, toch kruimelige plekken
bij uitstek, nog wel eens een tegen,
zo’n goeiig, groezelig moeke,
pront, schudderig, brutale oogjes?
Toch ligt ze behoorlijk ver voor op
die stijve notabel merel.

Maar daar schiet een mens niks mee op,
nu nooit meer een vlerkerig, scheef kopje
even huiselijk als schichtig komt buurten
waar wat te verhapstukken valt.

Anton Korteweg

Kopen? Dat wordt zoeken. De oplage was 500. Misschien is er nog een exemplaar via Boekwinkeltjes te verkrijgen.

Beide illustraties op deze pagina zijn van de keizer van de mussentekening: Peter Vos.